
Hoe snel oordeel jij?
Hoe snel oordeel jij?
En hoe vaak noem je het per ongeluk een feit?
We doen het allemaal. We zeggen iets, en zijn er rotsvast van overtuigd: dit is gewoon hoe het is.
Maar... is dat wel zo?
Een oordeel is vaak vermomd als iets neutraals. Vriendelijk verpakt. Met woorden als “meestal”, “gewoon”, “ik merk dat…”, of zelfs “het is een feit dat…”. En net daar zit de angel: we geloven zó hard in onze interpretatie, dat we vergeten dat het geen observatie is, maar een conclusie.
Doe de test: feit of oordeel?
Hieronder vind je 10 uitspraken. Sommige zijn feitelijk. Andere zijn oordelen in vermomming. Probeer eens: hoe snel oordeel jij?
- “Het is gewoon een feit dat hij nooit initiatief neemt.”
- “Ze heeft de neiging om dingen naar zich toe te trekken.”
- “Gisteren onderbrak hij me driemaal tijdens het overleg.”
- “Het valt op dat zij altijd bevestiging zoekt.”
- “Feit is dat hij geen teamspeler is.”
- “Ze neemt vaak het woord in meetings, zelfs als ze niet aan de beurt is.”
- “Ik merk dat hij zich vaak aangevallen voelt.”
- “Ze is nu eenmaal gevoelig voor kritiek.”
- “Hij lachte en zei: ‘Dat zien we dan wel’, toen ik het probleem uitlegde.”
- “Feit is dat ze het moeilijk heeft met autoriteit.”
Hoeveel van deze uitspraken klonken voor jou als 'feit'? En hoeveel… bleken eigenlijk een mening? Of een inschatting van wat jij denkt dat er achter het gedrag zit?
Wat is het verschil?
Een feit is iets wat zichtbaar of hoorbaar is voor iedereen. Je zou het met een camera of voicerecorder kunnen vastleggen. Een oordeel is wat jij eraan toevoegt: je invulling, je interpretatie, je analyse van de ander.
En het lastige?
Hoe vriendelijker het oordeel verpakt zit, hoe minder we het herkennen.
Let op woorden als:
- “Hij is gewoon zo iemand die…”
- “Ik merk dat zij…”
- “Ze bedoelt het misschien goed, maar…”
- “Vaak is het zo dat…”
- “Hij heeft precies moeite met…”
Op zich onschuldig. Alleen: als je niet benoemt wat je letterlijk ziet of hoort, maak je van gedrag een karakter. En dát is het moment waarop verbinding verdwijnt. Want niemand voelt zich veilig als er over hen geoordeeld wordt — ook al klinkt het nog zo zacht.
Wat kun je dan wél doen?
Vervang je oordeel door een observatie. En stel daarna een open vraag, zoals:
- “Wat maakt dat je het op die manier aanpakt?”
- “Hoe komt dat binnen bij jou?”
- “Wat speelt er voor jou op dat moment?”
- “Hoe zie jij dat zelf?”
Je hoeft niets goed te praten. En je opent de deur naar dialoog.
In Unsandwiched vertel ik daar meer over… Dit thema snijd ik ook aan in mijn podcast Unsandwiched. Leiderschap gaat niet over alles begrijpen, wel over alles kunnen benoemen.
Zonder invulling.
Zonder etiketten.
Zonder oordeel verpakt als feit.
De aflevering heet “Hoe snel oordeel jij? 10 oefeningen in 10 minuten!”
En je vindt ’m hier: